Selecteer een pagina

Boos had ik kunnen worden. Makkelijk. Ik koos ervoor om verbaasd te zijn. Leek mij gezelliger, zo in de teamkamer met mijn nieuwe collega’s. Gedurende anderhalf uur wisselden de collega’s in de kamer zich af vanwege ieders pauze-indeling.

Drie nieuwe leerkrachten en een vakdocent

Samen met twee andere leerkrachten en een vakdocent voor de toneellessen was ik net nieuw gestart op deze school. In de eerste week probeer je elkaar te leren kennen. Je stelt elkaar vragen als  ‘Van welke school kom je?’ ‘Waar woon je?’ en ‘Heb je kinderen?’ Alsof deze gegevens een persoonlijkheid onthullen.

De nieuwe vakdocent en ik zitten als eerste in de teamkamer (ik hou graag goed pauze). Later druppelen er nog twee leerkrachten binnen. Dat zorgt ervoor dat ik gelijk flink ondervraagd wordt terwijl ik mijn broodje eet.

Je bent moeder en je werkt vier dagen? Dat is veel

Ze komen er al snel achter dat ik twee kinderen heb en vier dagen werk. Dat ik tóch vier dagen werk. Dat ik ondanks mijn twee kinderen vier dagen voor de klas sta.

‘Oh, dan werk je best veel.’

‘Vind je het niet vervelend om zoveel van huis te zijn?’

Nu moet je weten dat ik geheel vrijwillig vier dagen werkte. Dat ik niet gedwongen werd en ook niet dacht dat dit moest van mijn manlief.

‘Hoe hebben jullie de opvang voor de kinderen dan geregeld?’

Misschien wilden ze even checken of mijn kinderen zielig waren. Maar met twee dagen opvang, een dag naar oma en mijn man, die net als ik vier dagen werkt, een dag thuis, vonden ze het zieligheidsgehalte wel meevallen.

‘Oh, dat is fijn geregeld.’

Dank je.

Lekker he, een dag thuis!

Even later lopen er een aantal andere collega’s binnen die aan hun pauze beginnen. We hebben even overlap. De toneeljuf stort zich op de meester die naast haar is gaan zitten. Nee, niet letterlijk. Ze stelt ook aan hem de algemene vragen.

En wat blijkt?


Hij heeft ook twee kinderen, en werkt ook vier dagen.

De reactie?

‘Oh, wat lekker dat je een dag met ze thuis bent!’

Serieus?! Hoor ik dat goed? Ik word er wat sarcastisch van. Ik denk: ja, wat lekker voor je joh. En wat goed van je, heel dapper ook en fijn voor je gezin. Hardop zeg ik alleen: ‘Ja, dat vind ik nu ook. Dat het lekker is om één dag thuis te zijn.’

Wat we normaal vinden is dat wat we vaak tegengekomen

Zelf ben ik in het onderwijs zelden collega’s tegengekomen die én moeder zijn én meer dan drie dagen werken. Ze zijn flink in de minderheid. Dat weet ik best. Precies daarom is het niet normaal dat ik vier dagen werkte. Klopt. Je leest het goed. Wat ik deed was niet normaal. Niet normaal voor een moeder met jonge kinderen en een baan als juf.

Het gemiddelde lijkt op normaal. Gemiddeld is iets dat het meest voorkomt. Het zijn voor mij de vrouwen met schoenmaat 39, de jongens die houden van gamen en meiden die graag dansen. Het gemiddelde van wat je zelf in je leven bent tegengekomen, is je normaal.

Het zijn de herinneringen die je uit je geheugen kunt oprakelen zodat deze met nieuwe situaties kunt vergelijken. De vraag is of we hier nu werkelijk profijt van hebben. Tot op zekere hoogte is het best handig om je moeder te herkennen, te weten wat eetbaar is en de weg naar huis te vinden.

Misschien slaan we alleen een beetje door in het vergelijken

Ben jij veel mensen tegengekomen die elke werkdag in de file naar hun werk rijden? Dan is dat normaal. Drinken veel mensen in jou omgeving alcohol? Weer iets normaals gevonden. Of ontmoet je veel mensen die regelmatig ruzie maken met hun partner? Absoluut normaal! Alleen…

Betekent normaal ook dat het zo moet zijn? Dat anders dan ook direct raar of fout is?

Normaal is persoonlijk.
Normaal is gewenning.
Normaal zijn onze denkgewoontes.

We hebben niks met elkaars normaal te maken. Jij niet met de mijne en ik niet met de jouwe.

En weet je,
Jij hebt ook niks met je eigen normaal te maken!

Wil je meer Makkelijke Relaties?

Schrijf je in op onze nieuwsbrief en ontvang het eerste hoofdstuk van Makkelijke relaties in de liefde gratis in je inbox!

Makkelijke relaties in de liefde te koop